Drudensang – Die Watzmannsage (EP) 2026 Review

(English version below)

Uit de Beierse Alpen rijst een zwarte troon. Drudensang, bezeten kroniekschrijvers van het duistere Germaanse erfgoed, roepen met Die Watzmann Saga een oude vloek op, de sage van een bloeddorstige koning wiens razernij hem en zijn geslacht in rots en klif veranderde. Vier bezweringen, samengebundeld uit eerder werk, nu hergoten als één ritueel geheel. De berg spreekt. Het bloed stroomt nog.

Watzmann heerste met ijzeren wreedheid over het Berchtesgadener land, zijn grootste lust was de jacht, zijn honden verscheurden alles wat zich op zijn pad bevond. Toen zijn meute een herderskind aan stukken reet, richtte de stervende herder zijn vloek op de koning. De honden keerden zich tegen hun meester en doodden hem, zijn vrouw en zijn zeven kinderen. Allen verstarden tot steen. Uit hun lichamen welde bloed dat neervloeide tot twee meren; het grootste draagt nog altijd de naam Königssee. Zo staat de koning nog: ijsomstard, een marmerkoud gebergte, zijn vrouw een starre gedaante naast hem, zijn kinderen zeven toppen hoog in de dodelijke nevelen. Drudensang heft deze vloek op als een zwarte mis.

De productie ademt ruimte en hoogte; ijler dan voorheen, als mist die zich tussen de rotswanden nestelt. De kern blijft rauw en organisch. Het gitaarwerk zweeft ver boven het gewone: melodieën die bezeten zijn, riffs die schuren als steen op steen, hoog in de ijle berglucht.

Geistersphären slaat toe als de vloek zelf: razende tremolo’s, daverende drums, een sfeer van onstilbare woede. De geesten der Alpen worden losgelaten. Sterbelicht, het langste en zwaarste stuk, vormt het kloppende hart van de sage, zeven minuten stervend licht boven bevroren toppen. Heroïsche, majestueuze passages die de geest van Nachtfalke en Mayhemic Truth oproepen: grootsheid zonder zwakte, schoonheid zonder genade.

De Sturmpercht cover Ewige Gegenwart verankert de EP diep in de folkloristische ziel van de Alpen, Drudensang hergiet het tot iets donkerders, als een keldergewelf onder een berghut. Die Watzmannsage zelf is de culminatie: de vorst wiens bloeddorst hem versteende, zijn vrouw en kinderen met hem meegetrokken in eeuwige steen. Het nummer zwelt aan tot epische proporties, heldere zang rijst op als een bergtop in de ochtendschemering, dan scheuren ijselijke screams door de stilte als een lawine die losbreekt. Heroïsche melodieën wisselen af met duisternis, het bloed vloeit nog altijd naar beneden.

Die Watzmann Saga is een hersmeding, vier hymnen die de vloek van een verdoemd koningsgeslacht dragen. De koning staat nog, verstard in steen, zijn bloed gevloeid naar de meren diep beneden. Drudensang heeft de vloek opgeroepen. De nevelen sluiten zich. De sage leeft.

84/100
⸸ Blackie ⸸

English version

From the Bavarian Alps rises a black throne. Drudensang, possessed chroniclers of the dark Germanic heritage, conjure with Die Watzmann Saga an ancient curse, the saga of a bloodthirsty king whose rage transformed him and his bloodline into rock and cliff. Four incantations, gathered from earlier work, now recast as one ritual whole. The mountain speaks. The blood still flows.

Watzmann ruled with iron cruelty over the Berchtesgadener land, his greatest lust the hunt, his hounds tearing apart everything that crossed his path. When his pack ripped a shepherd’s child to pieces, the dying shepherd cast his curse upon the king. The hounds turned against their master and slew him, his wife and his seven children. All turned to stone. From their bodies welled blood that flowed down into two lakes; the largest still bears the name Königssee. Thus the king stands still: encased in ice, a marble-cold mountain range, his wife a rigid shape beside him, his children seven peaks high in the deadly mists. Drudensang raises this curse like a black mass.

The production breathes space and height; more ethereal than before, like mist settling between the rock faces. The core remains raw and organic. The guitar work soars far beyond the ordinary: melodies that are possessed, riffs grinding like stone on stone, high in the thin mountain air.

Geistersphären strikes like the curse itself: raging tremolo runs, thundering drums, an atmosphere of insatiable fury. The spirits of the Alps are unleashed. Sterbelicht, the longest and heaviest piece, forms the beating heart of the saga, seven minutes of dying light above frozen peaks. Heroic, majestic passages that invoke the spirit of Nachtfalke and Mayhemic Truth: grandeur without weakness, beauty without mercy.

The Sturmpercht cover Ewige Gegenwart anchors the EP deep in the folkloric soul of the Alps, Drudensang recasting it into something darker, like a cellar vault beneath a mountain hut. Die Watzmannsage itself is the culmination: the lord whose bloodlust turned him to stone, his wife and children dragged with him into eternal rock. The track swells to epic proportions, clear vocals rise like a mountain peak in the morning twilight, then icy screams tear through the silence like an avalanche breaking loose. Heroic melodies alternate with darkness, the blood still flowing ever downward.

Die Watzmann Saga is a reforging, four hymns bearing the curse of a damned royal bloodline. The king stands still, petrified in stone, his blood long since flowed to the lakes far below. Drudensang has summoned the curse. The mists close in. The saga lives.

84/100
⸸ Blackie ⸸

Under the seal of Folter Records
Conjured on March 4 2026